Nog geen tekenen van herstel
Natuurwetenschappen
Leesvaardigheid
Wiskunde
Prestaties verbeteren niet
Computational Problem Solving
Welbevinden
Meer opvallende resultaten
Downloads
Natuurwetenschappen staat centraal in PISA-2025, waarbij extra aandacht is besteed aan het onderdeel milieuwetenschappen.
Natuurwetenschappen staat centraal in PISA-2025, waarbij extra aandacht is besteed aan het onderdeel milieuwetenschappen.
Zowel Nederlandse leerlingen als leerlingen in EU14-landen scoren in 2025 vergelijkbaar met 2022, toen een duidelijke daling te zien was. Ze zijn daarmee nog niet terug op het niveau van 2018. Meisjes en jongens presteren wederom gelijk op natuurwetenschappen.
| Nederland | |
| Nederlandse meisjes | |
| Nederlandse jongens |
| EU14 |
| Nederland | |
| Nederlandse meisjes | |
| Nederlandse jongens |
| EU14 |
Nederlandse 15-jarigen hebben minder plezier in natuurwetenschappen dan leerlingen in EU14‑landen.
Nederland
EU14
Nederland
EU14
Nederlandse leerlingen schatten hun eigen invloed op milieuverandering het laagst in van alle deelnemende PISA-landen.
Nederland
EU14
Nederland
EU14
Nederlandse leerlingen zijn opnieuw achteruitgegaan in leesvaardigheid. Dat geldt voor zowel meisjes als jongens, al scoren meisjes nog altijd hoger dan jongens. Hoewel de leesvaardigheid in omringende landen ook verder gedaald is, scoren Nederlandse leerlingen nog steeds lager dan hun leeftijdsgenoten in de EU14-landen gemiddeld.
| Nederland | |
| Nederlandse meisjes | |
| Nederlandse jongens |
| EU14 |
| Nederland | |
| Nederlandse meisjes | |
| Nederlandse jongens |
| EU14 |
Hoewel de wiskundeprestaties niet verbeterd zijn ten opzichte van 2022, presteren leerlingen in Nederland wel hoger dan in de EU14-landen gemiddeld. Jongens doen het net wat beter dan meisjes, een patroon dat zowel Nederland als de EU14-landen laten zien.
| Nederland | |
| Nederlandse meisjes | |
| Nederlandse jongens |
| EU14 |
| Nederland | |
| Nederlandse meisjes | |
| Nederlandse jongens |
| EU14 |
PISA-2025 laat zien dat de prestaties, zowel in Nederland als omringende landen, nog altijd onder het niveau van 2018 liggen. De resultaten hebben zich dus nog niet hersteld sinds in 2022, na de COVID-19-pandemie, de prestaties sterk waren gedaald.
De positie van Nederland blijft onveranderd: gemiddeld scoren onze 15-jarigen op natuurwetenschappen vergelijkbaar, op leesvaardigheid lager en op wiskunde hoger dan hun leeftijdsgenoten in de EU14-landen.
Natuurwetenschappen: Prestaties blijven voor Nederland en EU14 gelijk
Leesvaardigheid: Prestaties dalen verder voor zowel Nederland als EU14
Wiskunde: Prestaties blijven gelijk voor Nederland maar dalen verder voor EU14
Nederland
EU14
Nederland
EU14
In PISA-2025 werd voor het eerst gekeken naar Computational problem solving: het vermogen om experimenten uit te voeren in een digitale leeromgeving, conclusies te trekken en voorspellingen te doen en op basis daarvan vervolgstappen te bepalen om tot een (verbeterde) oplossing voor een probleem te komen.
Nederlandse leerlingen presteren hierin vergelijkbaar met leerlingen uit de EU14-landen. Zowel in Nederland als in EU14-landen gemiddeld scoren jongens hoger dan meisjes.
Nederlandse meisjes
Nederlandse jongens
EU14
Nederlandse meisjes
Nederlandse jongens
EU14
Nederlandse leerlingen geven hun leven gemiddeld een 7,6. In geen van de andere EU14-landen zijn leerlingen meer tevreden met hun leven dan in Nederland. Meisjes zijn minder tevreden met hun leven dan jongens, maar zowel meisjes als jongens geven in 2025 een hoger cijfer dan in 2022.
Nederlands totaal
Nederlandse meisjes
Nederlandse jongens
EU14
Nederlands totaal
Nederlandse meisjes
Nederlandse jongens
EU14
| 39% van de leerlingen haalt voor leesvaardigheid niet het basisniveau en is daarmee onvoldoende geletterd. Voor natuurwetenschappen is dit 27% en voor wiskunde 30% | |
| Voor natuurwetenschappen haalt 89% van de leerlingen in het praktijkonderwijs, 81% van de leerlingen in vmbo basis en 59% van de leerlingen in vmbo kader het basisniveau niet. |
| Prestaties van leerlingen op de PISA-toets verschillen (net als voorheen) naar opleidingsniveau van ouders en thuistaal. | |
| Nederlandse leerlingen gebruiken net zo vaak kunstmatige intelligentie (AI) op school als leerlingen in EU14-landen gemiddeld. |